VIVISOL

Veelgestelde vragen - OSAS-therapie algemeen

VRAAG 1

Wat is slaapapneu?

Apneu betekent “ademstilstand”. Bij slaapapneu doen zich ademstilstanden voor tijdens uw slaap. Vanaf vijf apneus per uur of meer, van langer dan tien seconden, is er sprake van slaapapneu. Het lichaam kan hiermee gevaarlijk worden belast. De grootste oorzaak is dat het bloed, door de apneus, onvoldoende zuurstof krijgt. Uw lichaam geeft automatisch een “alarmsignaal” af aan de hersenen waardoor u weer gaat ademen. We noemen dergelijke noodwaakreacties “arousals”.
We onderscheiden twee vormen van slaapapneu: obstructieve en centrale slaapapneu.

Obstructieve slaapapneu

Bij obstructieve slaapapneu, ook wel OSAS genoemd, wordt de ademstilstand veroorzaakt door zogenaamde “obstructies” of afsluitingen in de bovenste luchtwegen. Tijdens de slaap verslappen de spieren in de keel en het zachte gedeelte van het gehemelte. Ook de tongbasis valt naar binnen. Zo worden de bovenste luchtwegen afgesloten. Ondertussen blijven de hersenen signalen doorsturen naar onze belangrijkste ademhalingsspier. Zo wordt in de ademhalingswegen een onderdruk opgebouwd. Hierdoor trekken ze samen en worden volledig afgesloten.

Centrale slaapapneu

Bij centrale slaapapneu, ook wel CSAS genoemd, geven uw hersenen geen prikkels meer af dat u moet ademhalen. De longen stoppen hierdoor met ventileren en u krijgt een apneu. Een combinatie van obstructieve en centrale slaapapneu is mogelijk.

VRAAG 2

Wat zijn de gevolgen van slaapapneu?

De apneus blijven voor u vaak onopgemerkt. De noodwaakreacties van de hersenen verstoren uw slaappatroon echter behoorlijk. Uw lichaam en geest kunnen zich tijdens de slaap niet meer voldoende herstellen. Ook loopt u meer risico op ongevallen thuis, op de werkplek en tijdens het autorijden. Het nachtelijke zuurstofgebrek op langere termijn tast uw vitale organen aan. Denkt u hierbij aan beschadiging van het hart of de hersenen.

Slaapapneu kan leiden tot:

  • luid snurken
  • extreme moeheid overdag
  • een verminderd vermogen om te presteren
  • concentratieproblemen
  • vergeetachtig zijn
  • hoge bloeddruk
  • ochtendhoofdpijn
  • een weerslag op de lichaamsfuncties (hart, bloeddruk)
  • depressiviteit
  • angstaanvallen
  • duizeligheid
  • een onrustige slaap met overvloedig zweten en bedplassen
  • nachtmerries
  • impotentie
  • extreem koffiegebruik en/of dwangmatige eetlust om de vermoeidheid te compenseren
  • een verminderd gevoel van eigenwaarde
  • verminderde deelname aan het sociale leven
  • een verminderde kwaliteit van leven.

Herkent u veel van deze klachten? Dan adviseren wij om contact op te nemen met uw huisarts.

VRAAG 3

Wat zijn de behandelmogelijkheden?

Het doel van de behandeling is een einde te maken aan uw nachtelijke ademstilstanden en daarmee uw gezonde slaappatroon terug te krijgen.

Apparatuur

Bij matige tot ernstige OSAS leveren cpap, apap of bi-level apparatuur veruit de beste resultaten. Er zijn verschillende apparaten mogelijk. Uw specialist beoordeelt welk apparaat voor u het meest geschikt is. Bij alle apparaten wordt gebruik gemaakt van een masker op het gezicht. Dit masker staat via een slang in verbinding met het apparaat.

CPAP-therapie

CPAP is de afkorting van Continuous Positive Air Pressure. Bij deze therapie krijgt u lucht met een vaste druk toegediend. Uw specialist bepaalt welke druk voor u nodig is om uw keel open te houden wanneer u slaapt.

APAP-therapie (ook wel AutoCPAP genoemd)

Een aantal patiënten zijn meer gebaat bij een wisselende druk in plaats van een vaste druk. Dit noemen we APAP-therapie. APAP staat voor Automatic Positive Airway Pressure. Een APAP-apparaat voelt zelf aan wanneer er een apneu plaatsvindt en regelt automatisch de hoogte van de druk per apneu.

Bilevel-therapie

Een andere groep patiënten heeft een permanente hoge druk nodig om ervoor te zorgen dat de luchtwegen ’s nachts open blijven. Voor sommige patiënten is het moeilijk om tegen de krachtige luchtdruk uit te ademen. Voor deze patiënten zijn er Bilevel-apparaten. De druk bij het uitademen wordt door deze apparaten aanzienlijk verlaagd. Bilevel-apparaten worden ook voor gecontroleerde of ondersteunde beademing gebruikt.

SoftPAP-therapie

Dit is een CPAP met een soft-functie. Deze soft-functie kan de uitademingsdruk verlagen en hiermee het comfort van ademhalen vergroten.

Het masker

De luchtstroom wordt door het apparaat via een slang naar uw masker gevoerd. Het masker is een essentieel onderdeel van de behandeling. Het zit direct op uw gezicht en vermindert de bewegingsvrijheid tijdens uw slaap. Er zijn veel verschillende type maskers. Ieder masker heeft een uitademingsysteem waar de uitgeademde lucht effectief door kan worden afgevoerd. De medewerker van VIVISOL kijkt samen met u naar het meest geschikte masker.

De bevochtiger

Het is mogelijk dat u gevoelige neusslijmvliezen hebt die gemakkelijk uitdrogen. Dit kan erg vervelend zijn. U kunt hiervoor de bevochtiger gebruiken. De bevochtiger verwarmt en bevochtigt de lucht die u inademt. Hiermee voorkomt u geïrriteerde neusslijmvliezen.

MRA

Veel patienten met lichte tot matige OSAS zijn gebaat bij het gebruik van een MRA-beugel. MRA staat voor Mandibulair Repositie Apparaat. Deze brengt de onderkaak naar voren waardoor de tongbasis minder naar achteren zakt en de apneu wordt voorkomen.

Medicatie

Slechts weinig patiënten met een lichtere vorm van slaapapneu komen in aanmerking voor een behandeling met Theofylline.

Chirurgische ingreep

Een aantal patiënten met slaapapneu is gebaat bij een mond-, keel- of aangezichtsoperatie. Bij een UPPP (Uvulopalatopharyngoplastiek) worden de huig en het zachte gehemelte verwijderd en wordt de keelholte gestabiliseerd en verruimd. Deze methode wordt over het algemeen minder vaak toegepast dan voorheen.

Algemene voorzorgsmaatregelen

Met een aantal simpele voorzorgsmaatregelen kunt u de risico’s op het krijgen van slaapstoornissen verminderen. Hierbij kunt u denken aan het vermijden of verminderen van overgewicht, minder alcohol drinken, minder of stoppen met roken en met gebruik van bepaalde medicatie (bijvoorbeeld slaapmiddelen), uiteraard in overleg met uw specialist. Ook het vermijden van koffie, thee en cola voor het slapengaan kan helpen. 

Slaaphouding

Probeer te voorkomen dat u ’s nachts op uw rug gaat liggen. In rugpositie is de kans op ademhalingsstoornissen tijdens de slaap namelijk hoger. Voor het vermijden van deze positie kunt u bijvoorbeeld gebruik maken van een Snore-Breaker. De Snore-Breaker is speciaal ontwikkeld voor rugsnurkers en wordt alleen actief als u op uw rug ligt. Wanneer u in deze houding ligt, geeft de Snore-Breaker na dertig seconden een lichte trilling en een zacht zoemend geluid af. Deze trilling veroorzaakt een lichte irritatie; voldoende voor u om te draaien op uw zij of buik, maar onvoldoende om u wakker te maken. U draait dus in uw slaap. Zodra u draait wordt de Snore-Breaker gedeactiveerd en stopt deze meteen met trillen. Klik hier om de Snore-Breaker te bestellen.

VRAAG 4

Wat is een CPAP-apparaat?

Een CPAP is een soort “omgekeerde stofzuiger”. Het is een kastje ter grootte van een schoenendoos dat een constante stroom lucht uitblaast via een slang. Door middel van een masker dat aan de slang gekoppeld zit, komt de luchtstroom bij u in de luchtwegen. Deze continue positieve druk (Continuous Positive Airway Pressure) zorgt er voor dat uw luchtwegen tijdens de slaap niet meer dicht kunnen vallen, en er dus geen apneu kan ontstaan.

De vaste therapiedruk wordt bepaald door uw specialist vanuit een titratieperiode (proefperiode) met een APAP-apparaat. Wanneer de therapie nieuw is voor u, zal het niet gemakkelijk zijn om direct met de therapiedruk in slaap te vallen. Het uitademen tegen deze overdruk vraagt enige gewenning. Daarom wordt het inslapen met een CPAP-apparaat voor de patient gemakkelijker gemaakt door een zogehete rampknop (ook wel inslaapknop genoemd). Door deze knop te activeren, begint het apparaat op een lagere druk (ook wel rampdruk genoemd) en bouwt het CPAP-apparaat langzaam op naar de vaste therapiedruk. Gedurende deze periode ademt u uit tegen een lagere overdruk waardoor u gemakkelijker in kunt slapen. Het apparaat werkt op basis van omgevingslucht en geeft een continue overdruk in de bovenste luchtwegen. Het gaat hierbij dus niet om zuurstoftherapie.

VRAAG 5

Wat is een APAP-apparaat (ook wel autoCPAP genoemd)?

In tegenstelling tot een CPAP-apparaat werkt een APAP-apparaat niet met een vaste drukinstelling. Een APAP-apparaat is een apparaat dat vernauwingen en afsluitingen van de bovenste luchtwegen kan detecteren en vervolgens automatisch de druk aanpast op de situatie. Het APAP-apparaat gaat de druk pas verhogen nadat een vernauwing of afsluiting van de luchtpijp is gedetecteerd. Meestal wordt het APAP-apparaat in opdracht van de specialist ingesteld op een minimale druk van 4 cm H2O en een maximale druk van 14 cm H2O. Dit betekent dat het apparaat tijdens de slaap wisselt van druk.

VRAAG 6

Ik hoor en lees over een titratie periode. Wat is dit precies?

Een titratie is één van de manieren waarop kan worden bepaald welke drukinstelling nodig is om de luchtweg open te houden. Ieder mens is verschillend en daarom is een standaardinstelling niet voldoende. De één heeft meer overdruk nodig om de luchtwegen open te houden dan de ander. Eén en ander is ook afhankelijk van spierspanning, slaappositie en slaapstadium. De benodigde druk kan door middel van een titratie worden vastgesteld, in het ziekenhuis of bij u thuis. Wanneer de druk thuis wordt vastgesteld wordt er vaak gebruik gemaakt van een APAP-apparaat. Deze titratie wordt (onder verantwoordelijkheid van uw behandelend specialist) door VIVISOL uitgevoerd tijdens een bepaalde periode. Het APAP-apparaat wordt in dat geval enkele weken bij u thuis geplaatst. Het is belangrijk dat u het apparaat elke nacht gebruikt. Het apparaat doet automatisch zijn werk en registreert de resultaten van de therapie. Na enkele weken wordt het apparaat door VIVISOL of het ziekenhuis uitgelezen. Dit uitleesrapport wordt verstuurd naar uw specialist. Hierna wordt de vaste druk voor het CPAP-apparaat bepaald.

VRAAG 7

Wat betekent AHI?

AHI staat voor Apneu/Hypopneu Index en beschrijft het gemiddeld aantal (gedeeltelijke) ademstilstanden per uur. Bijvoorbeeld: bij 20 apneus en 10 hypopneus bedraagt de AHI 30.

VRAAG 8

Wat is een arousal?

Een arousal is een “noodontwaakreactie” of het “veiligheidsontwaken” van het lichaam. Dit wordt veroorzaakt door de ademstilstanden/apneus. 

VRAAG 9

Is slaapapneu te genezen?

De behandeling van slaapapneu is in de meeste gevallen een levenslang traject. Gewichtsverlies brengt meestal een aanzienlijke verbetering met zich mee.

VRAAG 10

Zijn ademstilstanden altijd gevaarlijk?

Ook gezonde mensen hebben ’s nachts af en toe een ademstilstand. De frequentie en de lengte van de ademstilstand zijn bepalend voor het risico voor uw gezondheid. Vanaf 5 ademstilstanden per uur met een duur van meer dan 10 seconden is behandeling noodzakelijk.

VRAAG 11

Is snurken schadelijk voor de gezondheid?

Snurken alleen is niet schadelijk voor de gezondheid. Wanneer snurken leidt tot ademstilstanden wordt het slaappatroon verstoord. Het is dan belangrijk om contact op te nemen met uw specialist.

VRAAG 12

Wat verhoogt het risico op obstructieve slaapapneu?

Overgewicht is een belangrijke oorzaak van slaapstoornissen. Bovendien neemt het risico toe naarmate u ouder wordt. Ook overmatig alcoholgebruik en sterke kalmerende geneesmiddelen (inclusief slaapmiddelen) spelen een belangrijke rol.

VRAAG 13

Kan ik met obstructieve slaapapneu nog actief blijven in het beroepsleven?

Zodra de behandeling effectief blijkt en u voelt zich weer goed, kunt u meestal weer gewoon aan het werk. Bij twijfel raden wij altijd aan om contact op te nemen met uw specialist.